Home » Actueel » Back to school: drie tips om leerlingen te bereiken

Back to school: drie tips om leerlingen te bereiken

Wat vliegt die zomervakantie toch altijd voorbij! Je knippert twee keer met je ogen en je staat alweer voor de klas. Of beter gezegd, inde klas. Een nieuwe klas, met nieuwe gezichten. Nieuwe persoonlijkheden, die je allemaal wilt bereiken. En dat gaat bij de ene leerling makkelijker dan bij de andere. Wat kun je als leerkracht doen om een goede start te maken met alle leerlingen?

PCM-trainer Jelte van der Kooi weet alles over deze materie. Hij is al tientallen jaren werkzaam in het (basis)onderwijs.Als leerkracht, intern begeleider, directeur en nu als adviseur en trainer. “Ik vroeg me altijd af waarom ik sommige leerlingen wel en sommige leerlingen niet kon bereiken. Toen ik met PCM in aanraking kwam, vielen voor mij alle kwartjes.”

Volgende stap maken
Het is Jelte de afgelopen twintig jaar opgevallen dat de focus in het onderwijs heel erg ligt op zo hoog mogelijke resultaten. “Wat ik zie, is dat leerkrachten allemaal hun stinkende best doen om dat niveau met hun leerlingen te bereiken. Ik zie ook dat ze het over het algemeen lastig vinden om met hun handelen een omslag in denken te maken. Dat betekent absoluut niet dat die leerkrachten het de afgelopen jaren niet goed hebben gedaan. Ik wil alleen graag een volgende stap met ze maken, door nog meer te focussen op de relatie met elk van de leerlingen. Met als resultaat dat die leerling minder het gedrag vertoont dat die zelf eigenlijk ook niet wil laten zien.”

Psychologische behoefte vervullen
Jelte noemt Anouk, een meisje in de klas waar hij regelmatig komt observeren. “Zij zoekt altijd even contact. Dan loopt ze door het lokaal heen om op een vrolijke, spontane manier te laten blijken dat ze mij ziet. Zou ik daar geen aandacht aan besteden, dan gaat ze de grens opzoeken. Want ze heeft gewoon behoefte aan dat speelse contact. Dus als je die behoefte niet vervult, gaat ze op een negatieve manier aandacht vragen, bijvoorbeeld door op onverwachte momenten op te staan en te reageren op alles om haar heen. Ga ik daar wel in mee, met een geintje of een box, dan komt ze tot rust en gaat ze aan het werk. Dat heeft zij gedurende de dag nodig.”

Energie om aan het werk te gaan
Maar met dat speelse contact kun je toch niet bezig blijven? Kan dat niet omslaan naar de andere kant, dat kinderen dan doordraven? “Nee, absoluut niet”, weet Jelte uit ervaring. “Ik heb de afgelopen vier jaar in meer dan tweehonderd klassen mogen observeren en veel leerkrachten juíst in de omgang met dit soort leerlingen begeleid. Die leerkrachten zien na verloop van tijd dat hun leerlingen veel energie hebben om aan het werk te gaan in plaats van dat ze die de energie steken in negatief gedrag om alsnog die psychologische behoefte vervuld te krijgen.”

Wat wil die leerling van je? 

Volgens Jelte draait alles in de kern om het vinden van de ‘psychologische behoefte’ van de leerling. “Wat heeft die nu echt van jou nodig? Even los van taal en rekenen, even los van kennis overdragen. Welke erkenning zoekt dat kind? Op het moment dat je als leerkracht aansluit bij wat de leerling écht nodig heeft, dan komt vanuit een interne motivatie vanzelf het werken. Als leerkracht ben je dan veel meer de begeleider van het proces dan degene die letterlijk voor de klas staat. Ik heb ook veel liever dat de leerkracht inhet lokaal staat, in plaats van voor de klas.”

Vanuit die gedachte deelt Jelte graag drie tips om leerlingen beter te bereiken.

  1. Ik ben oké en jij bent oké. “Dat moet het uitgangspunt zijn. De basis. Jouw mindsetals leerkracht. Jouw houding naar elk van de leerlingen. Wanneer je gedrag waarneemt dat in jouw ogen niet past bij wat jullie hebben afgesproken, moet je op zoek gaan naar waar dat gedrag vandaan komt. En dat lukt je niet op die eerste schooldag. Waar het om gaat, is ontdekken waar dat gedrag vandaan komt. Dat brengt me op de volgende tip.”
  2. Vind de psychologische behoefte van elke leerling. “Ik zeg met nadruk niet zoeknaar die psychologische behoefte, maar vinddie psychologische behoefte. Wat heeft die leerling nodig om te kunnen functioneren? Dat is een vindtocht, geen zoektocht. Want met zoeken kun je bezig blijven, maar het uitgangspunt is dat het jou lukt die psychologische behoefte te vinden. En vinden is afronden.”
  3. Na vieren even laten vieren. Laat na vier uur even de touwtjes vieren. Zoek naar vier dingen om te vieren. Waarom zeg ik dat zo? Omdat veel leerkrachten de neiging hebben aan het einde van de dag alleen maar terug te kijken op wat niet goed is gegaan. Dat is bij 40% van de leerkrachten een automatisme. Ga juist op zoek naar de lichtpunten, naar wat wél is gelukt. Focus op de positieve aanknopingspunten.”

Lesgeven met een twinkeling in je ogen

Tot slot verwijst Jelte naar een quote uit Daantje de wereldkampioen, een boek van Roald Dahl: ‘Wat elke zoon nodig heeft, is een vader die sprankelt.’ De variatie daarop voor het onderwijs laat zich raden. Jelte voegt daaraan toe: “Wanneer je met een twinkeling in je ogen lesgeeft, bereik je elke leerling.”

Over boeken gesproken. Jelte van der Kooi heeft een boek geschreven, getiteld ‘Meester Korneel’ (naar eigen zeggen zijn alter-ego), met als ondertitel ‘Grappige en vreemde belevenissen van een bijzondere meester’. In dit boek staan negen verhalen waarin Meester Korneel zichzelf overtreft. Je kunt het bestellen bij Jelte zelf, via ziezkijkt@gmail.com.